Een bloedbad, elke keer opnieuw. Bob Schrijber vocht alsof er niets anders telde. Nu fans terugblikken, krijgt ‘Dirty Bob’ alsnog de erkenning die hij nooit zocht.
In de vroege dagen van MMA, toen regels vaag waren en beschermers optioneel, stond één naam garant voor chaos: Bob Schrijber. De Nederlander vocht met een roekeloze intensiteit die je eerder in een achterafkroeg verwachtte dan in een sporthal. Zijn stijl? Simpel. Rammen tot iemand niet meer opstaat – of hij zelf niet meer kon.
Hij debuteerde in de jaren 80, vocht onder grote druk, gaf alles op voor het vechten. Kickboksen bracht structuur, maar de grond bleef zijn zwakke plek. Toch bleef hij komen, steeds opnieuw, vaak tegen beter weten in.
Schrijber vocht overal: Rusland, Japan, Nederland. Hij vocht tegen vechters die later groot werden – zoals Heath Herring en Wanderlei Silva – en verloor vaak, maar nooit zonder schade toe te brengen. Soms won hij zelfs. Met brute combinaties, illegale ellebogen of een guillotine die niemand zag aankomen (lees verder onder video).
In 1999 won hij van Moti Horenstein tijdens Amsterdam Absolute Championship 2. Hij schopte, sloeg, knalde zijn tegenstanders in de touwen of in elkaar. De scheidsrechter had soms geen andere keus dan in te grijpen.
Zijn bekendste gevechten? De oorlogen tegen Gilbert Yvel. De eerste verloor hij via een submission, de tweede won hij met brute kracht. De derde eindigde in een orgie van stoten, knieën en respectloze uitwisselingen waarbij het publiek nauwelijks kon geloven wat ze zagen. Het was geen sport meer. Het was overleven.
Bob vocht ook tegen Melvin Manhoef, Sammy Schilt, Ian Freeman. Tegen allemaal ging hij tot het gaatje. Soms won hij. Vaak niet. Maar altijd gaf hij het publiek waar het voor kwam: strijd.
Hij eindigde zijn carrière met nederlagen en overwinningen, maar hij verloor nooit zijn (MMA) cultstatus. Nu traint hij anderen. En wie hem kent, weet: Bob Schrijber was nooit bedoeld om netjes te winnen. Alleen om te vechten.
Lees het artikel op de mobiele website