De spanning zit diep en het is persoonlijk. Pawel Kasprzyk stapt op zaterdag 11 april de LFL MMA kooi in, met zijn moeder op de tribune. Hij wil winnen, maar vooral niet vallen waar zij bij is.
Pawel Kasprzyk is pas 19, maar staat al voor zijn vijfde officiële MMA-gevecht. In de Waagnatie in Antwerpen vecht hij tijdens een event van de Levels Fight League.
Voor het eerst komt deze Nederlandse organisatie naar België. De zaal loopt vol met zo’n 2.000 mensen. De druk is voelbaar. Kasprzyk weet dat veel ogen op hem gericht zijn.
Zijn verhaal begint niet in een gym, maar thuis. Als kind schoof hij samen met zijn vader stoelen en tafels opzij. De woonkamer werd een kleine ring. Daar leerde hij vechten.
Hij begon met judo en stapte later over naar Brazilian jiu jitsu. Rond zijn vijftiende vond hij zijn plek bij Perfect Team MMA in Deurne. Sindsdien leeft hij voor de sport.
Zijn vader gaf hem die richting. Niet voor roem, maar om sterk te worden en voor zichzelf op te komen.
Kasprzyk praat open over spanning. Hij zegt dat bijna geen enkele vechter zonder angst de kooi instapt. Voor hem komt daar nog iets bij.
“Mijn mama zit in het publiek. Je wil niet voor haar neergeslagen worden.” Die gedachte blijft hangen. Het maakt het gevecht zwaarder, maar ook scherper.
Voor hij de kooi in gaat, trekt hij zich terug met zijn coach. Even stilte. Geen afleiding. Hij bereidt zich voor op wat hij zelf “oorlog” noemt.
Trainen is voor hem alles. Hij spaart zichzelf niet en wisselt constant van sparringpartners. Elke ronde is anders, elke tegenstander brengt iets nieuws.
Dat vraagt offers. Avonden met vrienden laat hij schieten. Uit eten of drinken zit er vaak niet in tijdens een voorbereiding. Zijn coach merkt alles.
Op 11 april wacht een gevecht tegen Robbie Nsilu Kabundi. Voor Kasprzyk draait het niet om geld of roem. Hij wil groeien, leren en laten zien wie hij is in de kooi.
Lees het artikel op de mobiele website