Remy Bonjasky kijkt met gemengde gevoelens naar de problemen binnen Glory Kickboxing. Hij wil kritisch zijn, maar hij werkt af en toe nog voor de organisatie. Laatst stond hij nog bij de Crossfire tussen Levi Rigters en Jamal Ben Saddik.
Dat maakt het voor hem lastig om echt vrijuit te spreken. Fans vragen zich hardop af of hij dan nog wel eerlijk kan zijn. Toch schroomt de kickbokslegende niet om zo af en toe hard uit te halen naar de organisatie.
Het rommelt binnen Glory en dat valt op. Vechters als Tyjani Beztati, Endy Semeleer, Mohamed Touchassie en Younes Smaili zijn inmiddels of vertrokken, dan wel maken deze elders een tussenstop. Het zijn geen kleine namen. Sommige andere vechters oefenen al op MMA-technieken en zoeken hun heil ergens anders.
De reden? Ontevredenheid. Weinig actie. Slechte communicatie. En dat laten ze ook merken op sociale media.
Remy zegt eerlijk dat het geld bij Glory niet tegen de plinten klotst in zijn recente column voor het AD. Er zijn zo'n 50 tot 60 vechters met contracten. Die willen allemaal meerdere keren per jaar vechten.
Maar Glory organiseert simpelweg te weinig evenementen. Vooral zwaargewichtpartijen krijgen de voorkeur. Daardoor zitten lichtere vechters soms een jaar zonder gevecht. En dan haken ze af.
Mohamed Touchassie liet eerder al weten dat sommige talenten nauwelijks kansen krijgen. Tegelijkertijd haalt Glory oude zwaargewichten terug voor een toernooi.
Volgens Remy zitten daar jongens tussen die niets meer te zoeken hebben in de ring. Ze vullen alleen maar gaten op.
Glory is niet alleen sport, het is ook entertainment. Wie geen knallende partijen levert en geen kaarten verkoopt, brengt weinig op. Remy snapt dat vanuit zakelijk oogpunt. Maar hij vindt wél dat Glory beter moet communiceren.
“Vertel die jongens gewoon eerlijk hoe het zit,” zegt hij.
Remy draait er niet omheen. Vechters moeten zichzelf ook kritische vragen stellen. “Zorg ik voor spektakel? Zetten mensen de tv voor mij aan? Komt het publiek voor mij?”
Dat zijn vragen die elke vechter zichzelf moet stellen. Volgens Remy wil de nieuwe generatie liever niet verliezen dan iemand knock-out slaan. En dat voelt hij als een groot probleem.
Hij noemt Chico Kwasi als voorbeeld. Vijfvoudig wereldkampioen, een beest in de ring. Maar zijn laatste partij miste vuur. Jonge fans kijken vooral naar de knock-outs.
Als je daar niet bij zit, hoor je er voor hen niet bij. Remy’s eigen zoon van 16 zegt het recht voor z’n raap: “Ik kijk alleen de KO’s.” De rest boeit hem niet.
Remy vergelijkt het met een bedrijf. Als je medewerkers niet presteren, dan valt de boel in elkaar. Een vechter die alleen maar tikjes uitdeelt, trekt geen volle zaal.
Geen views, geen inkomsten. En dat raakt uiteindelijk iedereen. Niet alleen de organisatie.
Remy denkt dat het voor lichtgewichten lastig wordt bij Glory. In de K1-tijd draaide alles ook om de zwaargewichten. Hij ziet die trend terugkeren. Jongeren die Glory als het hoogst haalbare zien, dreigen hun droom te zien verdwijnen.
“Weeg je 75 kilo en zie je jouw divisie verdwijnen? Dan doet dat pijn,” zegt hij.
Lees het artikel op de mobiele website